Van Geel heeft vandaag in gesprek met de Tweede Kamer laten weten dat er in 2006 een stimuleringsmaatregel komt voor biobrandstoffen. Dit is nodig om een overgang te maken naar schonere brandstoffen. Hoe de maatregel er precies uit komt te zien, wordt bekend gemaakt op Prinsjesdag. Ook de studie Op (de) weg met plantenolie kon afgelopen week rekenen op veel aandacht in zowel regionale als landelijke dagbladen. Het GAVE-team constateert dat in de berichtgeving nogal wat termen door elkaar worden gehaald en dat er misverstanden zijn over de resultaten van het rapport. Dit alles heeft geleid tot de nodige verwarring over biobrandstoffen. Graag schetsen we hieronder welke rol PPO ons inziens zou kunnen vervullen in een transitie naar schonere (bio)brandstoffen.
Broeikasgasemissie en klimaatprestatie van PPO Bovengenoemde studie laat zien dat PPO een behoorlijke klimaatprestatie heeft; pure plantaardige olie levert over de gehele productieketen genomen gemiddeld 30 procent reductie van broeikasgassen op ten opzichte van de productie van diesel. Voor de transportsector is dat een betekenisvolle reductie. Verder blijkt uit het rapport dat de klimaatprestatie grotendeels bepaald wordt door broeikasgasemissies in de teeltfase van het voor PPO benodigde koolzaad, met name door het gebruik van kunstmest en de emissie van lachgas. Vooral de laatste is afhankelijk van factoren als grondsoort, koolzaadopbrengst en grondwaterstand en kan daarom nog flink vari?ren. Door een andere teeltmethode is het mogelijk de variatie te beperken en daarmee een extra broeikasgasreductie te bereiken, met een geoptimaliseerde klimaatprestatie voor PPO als gevolg.
Uitlaatgasemissie en effect op luchtkwaliteit van PPO Naast de klimaatprestatie van PPO moet ook rekening worden gehouden met de uitlaatemissies als gevolg van gebruik van PPO in voertuigen. Deze emissies, van o.a. fijn stof en NOx hebben invloed op de lokale luchtkwaliteit. Hierover kunnen tot nu toe geen concrete uitspraken worden gedaan omdat er in Nederland geen structurele uitlaatgasemissiemetingen met PPO als voertuigbrandstof zijn verricht.
Markt voor biobrandstoffen Pure plantaardige olie is o.a. vanwege de noodzaak tot ombouw van het voertuig, vooral interessant als nicheproduct. De biobrandstoffen biodiesel en bioethanol zijn meer geschikt voor grootschalig gebruik met name omdat zij nu al makkelijk bijgemengd kunnen en mogen worden. Zij hebben ook op termijn meer kans om steeds effici?nter en goedkoper geproduceerd te worden mede door de overstap naar cellulose-houdende grondstoffen. Zie bijvoorbeeld de recente ontwikkelingen in Biomass to liquids en ethanol uit ligno-cellulose. Dan komen er alternatieven voor benzine en diesel tegen concurrerende prijzen beschikbaar, wat hard nodig is.
Kostenaspect Een laatste opmerking betreft de kostenvergelijking. De onderzoekers rekenen in de studie met een productieprijs van ? 0,30/l voor diesel. Met de recente prijsstijging van benzine en diesel moet deze vergelijking bijgesteld worden. Op basis van een olieprijs van 60 dollar per vat is de productieprijs van diesel ? 0,51/l. De productiekosten voor PPO worden niet of nauwelijks be?nvloed door de olieprijs en bedragen ? 0,50 - ? 0,90 per liter PPO. Daarmee komt PPO als alternatieve brandstof steeds beter in beeld.
Conclusie De sector verkeer zal in 2010 bijna 20% van de nationale CO2-emissies veroorzaken. Om een trendbreuk in de stijgende CO2-emissies in de transportsector te bereiken, zullen aanvullende ontwikkelingen hard nodig zijn. Inzet van de huidig beschikbare biobrandstoffen als biodiesel, bio-ethanol en ppo is momenteel ??n van de weinige manieren om substanti?le reducties van broeikasgassen in het wegverkeer te bereiken. Het is een eerste stap in een transitie naar steeds schonere brandstoffen die de emissie van broeikasgassen verder omlaag brengen. |